Veiligheid én betrouwbaarheid van elektrische afrasteringen staan hoog in het vaandel bij de Europese wetgevers. Niet voor niets is de normering EN 60335-2-79 voor de productie van schrikdraadapparaten vanaf 1 september 2010 aangescherpt.
De aanpassingen gelden voor schrikdraadapparaten met een uitgangsvermogen > 5 Joule (‘krachtige’ tot ‘zeer krachtige’ apparaten). De belangrijkste wijzigingen zijn:
- Apparaten moeten het vermogen volautomatisch kunnen aanpassen.
- Verplichte vertragingschakeling tussen de 15 en 60 seconden voordat het vermogen verhoogd wordt.
- De aanpassing van het vermogen is weerstandsafhankelijk. Hoe groter de storing, hoe groter het afgegeven vermogen mag zijn. Bij een isolatiewaarde van bijv. 500Ω (≈ aanraking van het raster) mag het afgegeven vermogen max. 5,0 Joule zijn. Bij 100Ω (≈ kortsluiting): maximaal 15 joule.
- Een verplichte alarmfunctie; bij een plotselinge (en blijvende) verandering van de isolatiewaarde van het raster moet een alarmsignaal worden afgegeven; de pulsopeenvolging moet worden vertraagt van 1 impuls per seconde naar 1 impuls per 3 seconden.
- Het zandloper-symbool voor deze techniek moet op de apparaten zichtbaar zijn.
Vanzelfsprekend voldoen alle horizont apparaten aan deze strenge normeringen!